Het verhaal van Guus

“Hoogbegaafd”…. Wat betekent dat eigenlijk en hoe ga je daarmee om? 

Als je hoort dat iemand hoogbegaafd is, is de eerste gedachte vaak: “Die is dus heel slim!”, of je denkt misschien: “Wie zegt dat?” of “Dat vinden de ouders zeker?” of “Ik merk daar niks van!” 

“Hoogbegaafdheid” betekent eigenlijk veel meer “andersdenkend” of “niet standaard”. Dat impliceert dat HB-ers niet passen in een standaard aanpak van leren en de wereld om zich heen ook anders zien en anders benaderen. Eigenlijk stellen ze bijna alles ter discussie en nemen zelden iets zomaar aan. Herhaling is saai en iets moeten, leidt tot enorm verzet. 

Het lastige voor een hoogbegaafd kind is, dat hij het gevoel heeft anders te zijn en door haast niemand begrepen te worden. De behoeften van een hoogbegaafd kind zijn daarom: gezien, geaccepteerd en gewaardeerd worden. Autonomie, ruimte om zelf te kiezen, zelf te ontdekken, zelf te ervaren en de dingen op een eigen manier te doen. 

Eigenlijk gaat het om vertrouwen hebben in de omgeving en in zichzelf en daardoor veiligheid voelen. Dat gevoel van vertrouwen en veiligheid is de belangrijkste voorwaarde voor de ontwikkeling van een (hoogbegaafd) kind. Een hoogbegaafd kind voelt zich extreem onveilig als het beroofd wordt van zijn autonomie en gedwongen wordt om iets te doen dat het niet wil. Intrinsieke motivatie door het wegnemen van een “keurslijf” is daarom cruciaal. 

We hebben het vorig schooljaar gezien dat Guus angsten ontwikkelde. Deze hadden te maken met het niet mogen of juist iets persé moeten. De gevolgen waren extreem groot voor Guus en voor ons. We kregen te maken met allerlei ontluikende angsten en dwangmatig gedrag. Daarom is onze insteek voor het aanstaande schooljaar: veiligheid en plezier. 

Als ouders ervaren we natuurlijk (net als de school) uitdagingen op allerlei vlakken en we realiseren ons dat het voor een leerkracht niet altijd makkelijk is om Guus in een bepaalde richting te bewegen. We kunnen uit eigen ervaring zeggen dat dreigen niet helpt, maar motiveren, eigenaarschap geven en veiligheid scheppen wel. Als hij iets niet wil, laat hem dan gewoon toekijken. Er komt een moment waarop zijn ambitie het wint van de angst. Dan pakt hij die uitdaging op en blijkt dat hij ondanks zijn ogenschijnlijke “afwezigheid” veel meer heeft opgepikt dan dat je waarneemt. Vergeet alsjeblieft niet dat Guus een mannetje is dat extreem empathisch is en het met iedereen goed voor heeft en dat hij niet dingen doet of juist nalaat om jou te dwarsbomen. Hij wil vaak zeker weten dat hij iets kan, voordat hij eraan begint. Of soms heeft hij een totaal ander idee over de aanpak van iets en kan hij niet accepteren dat hij het op een andere manier moet doen. Laat hem dan eerst zijn manier doen, ook al zou deze manier niet werken. Dit is de manier waarop hij leert.